Drijvende zonneparken: eerst de binnenwateren, dan de zee

Geplaatst op 06 juni 2019 om 07:03 uur
Drijvende zonneparken: eerst de binnenwateren, dan de zee
2 gigawattpiek aan drijvende zonneparken in 2023. Eerst op binnenwateren en daarna op zee. Dat wil het platform Nationaal Consortium Zon op Water waarin 35 overheden, kennisinstellingen en bedrijven samenwerken aan concrete projecten.

Drijvende zonneparken hebben volgens het platform een hogere stroomopbrengst dan PV-installaties op land, vooral als ze zonvolgend zijn.


"We zitten goed op schema," zegt voorzitter Wiep Folkerts van het consortium. "Voor de periode tot 2021 is al voor meer dan 500 megawatt aan SDE+-subsidie verleend aan drijvende zonneparken, dus die pijplijn ziet er goed uit. Hiermee halen we de nummer één China niet in, maar lopen we wel voorop in Europa."

 

Zandwinplassen, baggerdepots, spaarbekkens en bassins van zuiveringsinstallaties

Folkerts is programmamanager toepassingen zonne-energie bij TNO en bespreekt de laatste ontwikkelingen rond zon op water tijdens The Solar Future NL conferentie op 13 juni in DeFabrique in Maarssen. "We moeten in Nederland nog zeker 1000 km2 aan zonneparken bouwen als we aan onze klimaatdoelstellingen willen voldoen. Die ruimte hebben we niet op land, dus is de stap naar water noodgedwongen. Dat hebben we bij windenergie ook gedaan, dus hoef je geen helderziende te zijn om te voorspellen dat we dat met zon ook gaan doen," aldus Folkerts. "Zandwinplassen, baggerdepots en bassins van waterbedrijven zijn allemaal wateren die je toch nergens anders voor gebruikt en waarbij het operationeel gebruik gewoon door kan gaan. Als je daarmee begint kom je al een heel eind."

 

Voordelen

Projectontwikkelaar GroenLeven gaat de komende jaren 17 drijvende zonneparken aanleggen op zandwinplassen. De marktleider heeft nu al voor 400 megawatt SDE+-subsidie binnengehaald en gaat daarvan 200 à 300 megawatt realiseren. "Daarmee nemen we eind 2020 al 15% van die 2 gigawattpiek voor onze rekening", zegt CEO Roland Pechtold. GroenLeven heeft ervaring met dubbelgebruik en zal daarover spreken tijdens The Solar Future NL. "Er zijn veel zandwinplassen en baggerdepots in Nederland. Dat is industrieel gebied waar toch niemand kan komen. Je pakt geen water af van andere functies, ze liggen vaak bij een aansluiting op het net en de installaties daar kunnen op deze stroom draaien," somt Pechtold de voordelen op.

 

Grootste

Onlangs startte GroenLeven met de aanleg van een drijvend zonnepark op een zandwinplas in het Drentse Tynaarlo, met 23.000 zonnepanelen en een vermogen van 8,4 megawattpiek nu nog het grootste van Europa. Die positie zal de ontwikkelaar kwijtraken aan Floating Solar, een joint venture van Sun Projects en Dromec. Dat begint dit najaar met de aanleg van een drijvend zonnepark met 73.500 panelen en een vermogen van 22,6 megawattpiek op het spaarbekken van waterleidingbedrijf PWN in het Noord-Hollandse Andijk.


Het park wordt verdeeld over 15 eilandjes met een doorsnee van 140 meter, met elk 4900 drijvende zonnepanelen. De bouw van de eerste 3 start in september. Uiteindelijk zal maximaal 50% van het spaarbekken bedekt zijn, om de ecologie onder water niet te veel aan te tasten.

 

Zonvolgend

Dankzij het draaisysteem van Floating Solar volgen de panelen de zon, waardoor ze 30% meer stroom opwekken dan traditionele PV-installaties. Volgens Folkerts hebben zonnepanelen op grote waterplassen ook meer instraling van de zon en is er daarnaast een positief effect meetbaar door de natuurlijke koeling van de panelen.


De benodigde techniek staat weliswaar aan het begin, maar ontwikkelt zich snel. Nadelen zijn dat de kosten van drijvende parken nu nog hoger liggen en het verkrijgen van de benodigde vergunningen moeizaam gaat.

 

Naar zee

Na 2023 zal Nederland ook op zee drijvende zonneparken gaan aanleggen, verwachten de experts. Omdat zonne-energie en windenergie complementair zijn en elkaar slechts 5% overlappen, zouden de drijvende zonneparken naast de windparken gebouwd kunnen worden. Daar mag toch niet gevaren of gevist worden. Het voordeel is dat ze samen gebruik kunnen maken van de netaansluiting."Als we naar zee gaan is een explosieve groei van drijvende zonneparken mogelijk, maar krijgen we te maken met hogere golfslag en moeilijkere omstandigheden. Daar is nog veel innovatie voor nodig, maar daar zijn we mee bezig," aldus Folkerts.

 

Pilot

Het consortium laat momenteel door Floating Solar een pilot met drijvende panelen uitvoeren op baggerdepot de Slufter op de Tweede Maasvlakte. Daar geldt golfslagcategorie 2, wat neerkomt op golven van een meter hoog. "Tijdens de storm in januari 2018 hebben we daar zelfs golven van anderhalve meter doorstaan," vertelt Van Druten.


Als de pilot succesvol is moet op de Slufter een drijvend zonnepark van circa 100 megawattpiek komen. Daarna wordt de stap naar het IJsselmeer en zijn randmeren gezet en tenslotte naar de Noordzee.

 

Leren van de offshore

Ook GroenLeven verwacht dat het de stap naar zee zet. Daarom werkt het samen met bedrijven en experts uit de maritieme sector. Pechtold: "Wat wij ingewikkeld vinden, bijvoorbeeld de verankering, heeft de maritieme wereld met twee vingers in de neus al opgelost. Bij hen drijft alles al. Ook kun je je afvragen of alles op het water wel drijvend hoeft te zijn. Vooral in combinatie met windparken. Daarom kunnen we nog veel leren van de offshore-industrie."

 
© Engineersonline.nl