Kabinet wil Nationaal en Europees innovatiebeleid beter op elkaar laten aansluiten

Nederland maakt volgens onderzoek uitstekend gebruik van EU-ondersteuning voor wetenschap, technologie en innovatie. Zo halen ondernemers en kennisinstellingen uit bijvoorbeeld het EU-programma Horizon van elke ingelegde euro bijna twee euro terug. Het kabinet wil vanwege uitdagingen als verduurzaming en digitalisering dat bedrijven, kennisinstellingen en regionale overheden hierin nog meer gaan uitblinken.

Tags:
een rood ei in een tray witte eieren
Afbeelding van trajaner via Pixabay

Uit onderzoek op verzoek van minister Micky Adriaansens (Economische Zaken en Klimaat) en Robbert Dijkgraaf (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) blijkt dat er nog ruimte is om het nationale en regionale beleid voor onderzoek en innovatie beter te laten aansluiten op het EU-beleid. Bijvoorbeeld door gerichter te kiezen, wat ook één van de hoofdpunten is in de eind vorig jaar verschenen Kabinetsvisie innovatie en impact.

Kansen in de provincies

Provincies zijn volgens de AWTI steeds actiever met het lokaal stimuleren van innovatie, terwijl de EU voor een aantal belangrijke maatschappelijke uitdagingen voor de provincies het voortouw probeert te nemen. De AWTI adviseert de provincies dan ook om hun eigen beleid slim te koppelen met de EU-regelingen voor onderzoek en innovatie. Bijvoorbeeld door de regionale EU-middelen die provincies mogen uitgeven aan innovatie zo in te zetten dat ze het overige beleid versterken, en door regio’s te verbinden met andere regio’s in Europa om zo samenwerking in onderzoek en innovatie te bevorderen.

Betrekken van mkb

Het is eveneens van belang dat alle betrokken partijen zoals ook het mkb en hogescholen in Nederland goed gebruik kunnen maken van Europese ondersteuning. Zo kan het nieuwe Accelerator instrument van de European Innovation Council, dat gericht is op het mkb, meer Nederlandse mkb’ers betrekken en daarmee ook het einde van de keten van fundamenteel onderzoek naar toepassing en opschaling faciliteren.

Tags:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *