Deense expert onderzoekt kostenoverschrijdingen Nederlandse megaprojecten

Geplaatst op 24 september 2007 om 00:00 uur

Liegen werkt. Zo is volgens prof.dr. Bent Flyvbjerg van de TU Delft de gang van zaken rond de uitvoering van sommige megaprojecten te kenschetsen. In zijn intreerede op woensdag 26 september legt hij uit hoe het komt dat de kosten van grote projecten, zoals hogesnelheidslijnen, snelwegen en de Kanaaltunnel stelselmatig uit de hand lopen. De Deense hoogleraar gaat zich de komende jaren buigen over kostenoverschrijdingen bij grote Nederlandse projecten.

Flyvbjerg doet internationaal onderzoek naar kostenoverschrijdingen bij megaprojecten, zoals de TGV en de ‘Big Dig’ in Boston. Hij constateert in meer dan twintig landen hetzelfde patroon: de kosten van dit soort projecten komen uiteindelijk zeer vaak hoger uit dan gepland, gemiddeld met meer dan 30 procent. In Nederland is de HSL-Zuid hier een voorbeeld van met een kostenoverschrijding van 45 %. Flyvbjerg werd als expert ondervraagd door de Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten (2004) die onderzoek deed naar onder meer de HSL-Zuid.

Ongefundeerd optimisme?
Als redenen voor de systematische kostenoverschrijdingen geeft Flyvbjerg onder meer ongefundeerd optimisme bij planners maar ook strategische motieven. Als de kosten van een project lager worden voorgesteld, is de kans dat het project wordt uitgevoerd groter: ‘lying pays off’. De hoogleraar spreekt in dit verband van omgekeerd Darwinisme oftewel ‘survival of the unfittest’ omdat de projecten die er op papier het beste uitzien uiteindelijk de grootste kostenoverschrijdingen laten zien.

Een van de (gedeeltelijke) remedies tegen kostenoverschrijdingen is volgens Flyvbjerg reference class forecasting. Hierbij baseert men de kostenschatting van een project op de daadwerkelijke kosten van een aantal vergelijkbare projecten uit het verleden. Flyvbjerg heeft deze methode toegepast op het Zuiderzeelijn-project en kwam 40 procent hoger uit dan eerdere schattingen. Mede op basis hiervan wordt het project heroverwogen.

Verbaasd
Flyvbjerg, die part-time hoogleraar is aan de faculteit Techniek, Bestuur en Maatschappij van de TU Delft, zal zich de komende jaren richten op megaprojecten in Nederland. ‘Het heeft mij verbaasd dat hierover zo weinig systematische kennis is. We weten niet of de algemene conclusies die we vonden in andere landen ook hier gelden. Dat is jammer want Nederland is in dit opzicht, vanwege de dichte infrastructuur, een erg interessant land.’

De hoogleraar constateert ook in ons land het begin van een cultuuromslag. ‘Het besef dat het zo niet langer kan, begint door te dringen.’ Flyvbjerg krijgt bij zijn onderzoek de volledige steun van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, dat de leerstoel financiert. Over twee tot drie jaar hoopt hij met concrete resultaten te komen over de Nederlandse situatie.

 
© Engineersonline.nl