Kenniscoalitie: ‘Nationaal Groeifonds essentieel voor Nederland om nieuwe ‘ASML’s’ aan te trekken’

De Tweede Kamer moet vol inzetten op het behoud van en aantrekken van nieuwe R&D-intensieve bedrijven. Die oproep doet Marcel Levi als voorziter van de Kenniscoalitie, het samenwerkingsverband van ondernemers en wetenschappers.

Tags:

Voor publiek-private samenwerking in Research & Development (R&D) zijn grootschalige investeringen vanuit de overheid van groot belang, zo stelt de Kenniscoalitie. Zoals het Nationaal Groeifonds. Daarom pleit de Kenniscoalitie voor structurele investeringen voor productiviteitsverhoging: de Tweede Kamer moet vol inzetten op het stimuleren van private R&D-uitgaven. Zoals het Nationaal Groeifonds, dat met gerichte investeringen in kansrijke sectoren ook extra investeringen van bedrijven stimuleert. Hiermee worden bruggen tussen wetenschap, innovatie en toepassing geslagen. 

Wereldtop 

“Investeringen in publiek-private samenwerking leveren geld op, tonen diverse studies keer op keer aan. Recent onderzoek laat zien dat iedere euro die tot 2035 vanuit het Groeifonds wordt geïnvesteerd 4,60 euro aan bbp-rendement oplevert”, aldus Levi. “Het Nationaal Groeifonds is essentieel voor ons land om onze positie aan de wereldtop te behouden op wetenschappelijk en technologisch gebied. Dit soort instrumenten leidt tot behoud van en aantrekken van nieuwe R&D-intensieve bedrijven. Door vanuit de overheid gerichte grootschalige thematische impulsen te geven, stimuleren we extra private R&D investeringen. 

“Met het NXTGEN Hightech project alleen al, een van de Groeifondsprojecten, wordt bijvoorbeeld 0,7 miljard euro private R&D uitgaven aangejaagd. De ‘nieuwe ASML’s’ die hieruit voortkomen zullen eigenstandig bijdragen aan de groei van het aandeel van private R&D.”

Niet op koers 

Ook na 2028 dienen de investeringen te worden voortgezet, vindt de Kenniscoalitie. “Want Nederland heeft zich als doel gesteld toe te werken naar een investering van 3% van het bruto binnenlands product (bbp) in onderzoek en ontwikkeling (R&D) in 2030, de Lissabondoelstelling, maar ligt niet op koers. In landen om ons heen ligt het percentage al hoger dan 3%. Mondiaal gezien en in Europa dreigt Nederland achterop te raken. Het streefpercentage van 3% bestaat voor 1% uit uitgaven van de overheid en voor 2% aan uitgaven door het bedrijfsleven. Dat laatste cijfer stokt nu op 1,3%.”

Tags:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *